(door b.r D.Wolbers) Als u dit leest dan zijn kerst en oud en nieuw in zicht. Dagen die niet voor iedereen even gemakkelijk zijn. Juist in deze periode wordt de eenzaamheid bij velen gevoeld. De dagen zijn korter, de avonden langer en het weer nodigt niet altijd uit om naar buiten te gaan, wat voor velen vanwege lichamelijk beperkingen al niet mogelijk is.Terwijl dit geschreven wordt, zijn en worden er heftige discussies gevoerd in de media over de kleur van Piet en de goede bedoelingen van de Sint. Alles moet in onze samenleving op de helling. De voor en tegenstanders bevechten elkaar met woorden op leven en dood.Het al zo lang bestaande kinderfeest van 5 december (of je nu voor of tegen bent) moet een totaal ander karakter krijgen. Gevolg: De M.E. moest er aan te pas komen om de voor en tegenstanders uit elkaar te houden. Te bizar voor woorden.

Dit brengt ons op het volgende, en dat is kerst oftewel het kerstfeest. Hier wordt niet alleen over gediscussieerd buiten, maar ook binnen de kerk, of zo als u wilt, binnen onze evangelische wereld. Steeds meer stemmen gaan op dat het een heidens feest is waar een christen zich verre van moet houden. Het is echter niet een kerstboom, versiering of verlichting wat mensen beschadigt, maar de verkeerde gezindheid van het hart. (Matth. 15:19)

Het valt niet te ontkennen dat onze gezegende Heiland niet in deze periode van het jaar geboren is. Het valt ook niet te ontkennen dat de werkelijke betekenis van kerst steeds meer naar de achtergrond is geraakt. Decennia lang is de geboorte van de Here Jezus herdacht en heeft de diepere betekenis daarvan geklonken.De boodschap van redding en verlossing stond daarin centraal. Wereldwijd werd er stil gestaan bij de “Volmaakte Gift”  ooit aan de wereld gegeven waardoor velen zijn behouden.Gelovigen hebben zich tot op de dag van vandaag verblijdt over de komst van de Zaligmaker naar deze wereld met een hart vol dankbaarheid en aanbidding.

Veel is er door de jaren heen al verdwenen wat mensen zekerheid gaf. Door het langzaam loslaten van de Bijbelse normen en waarden in onze samenleving, dreigen er veel dingen verloren te gaan. De kansen die de christenheid krijgt om tijdens de kerst, Pasen, Goede vrijdag en Hemelvaartsdag de boodschap van het evangelie in zijn volle breedte te laten horen, wordt door het onderlinge gekrakeel van gelovigen over het legitieme van deze feesten geëlimineerd. Wat liggen er een kansen om juist tijdens deze feesten aan de wereld te laten weten wat belangrijk is.

Met de kerst hebben we de mogelijkheid om met de blijde boodschap binnen te komen bij mensen die zich alleen nog maar bezig houden met eten, drinken en uitgaan. Daarnaast mogen we ons inzetten voor hen die zich juist in deze periode van het jaar eenzaam en verlaten voelen  en deze doelgroep uitnodigen met ons het kerstfeest te vieren. Op deze wijze worden er handen en voeten gegeven aan onze roeping die als een opdracht uit de mond van de Here Jezus kwam: “Gij zult Mijn getuigen zijn!”

Over het aanwenden en inzetten van verschillende middelen bij de verkondiging van het Evangelie kan verschillend worden gedacht, maar mag nooit een belemmering zijn. Uiteraard moeten de middelen die worden ingezet verantwoord zijn. Een voorbeeld zien we bij Paulus, als hij te Athene is en zijn toehoorders staande bij het altaar van de onbekende God voor hield, dat de God die zij niet kenden door hem werd verkondigd. (Hand. 17:22-23) Op het eerste gezicht zou je hierbij denken aan een afgod wat in principe ook zo was. Paulus grijpt deze mogelijkheid aan om de aandacht te vestigen op de levende God en zijn toehoorders daarop te wijzen. Met kerst liggen er weer volop kansen om te wijzen op “Het Licht van de wereld” de Here Jezus.  In de volheid van de tijd zond God Zijn Zoon naar deze wereld om de verlorene te redden. (Gal 4:4) Daarvan mogen we spreken en getuigen in welk jaargetijde dan ook. Na de kerstdagen komen oud en nieuw in zicht. Op zich geen dagen die verschillen van andere dagen. Toch zijn het deze dagen van terug en vooruitzien, persoonlijk en gemeentelijk. Wat heeft het jaar 2016 ons gebracht en wat zal het jaar 2017 ons brengen?

De afgelopen week diende zich een nieuwe politieke partij aan onder de naam: “Nieuwe wegen.” Nieuwe wegen? Is het niet Gods Woord dat ons wijst op enige weg in deze onrustige en verwarde wereld?”Zo zegt de HEERE: Ga staan op de wegen, en zie, vraag naar de aloude paden, waar toch de goede weg is, en bewandel die. Dan zult u rust vinden voor uw ziel (Jer. 6:16) Israël maar ook wij worden door de Heere aangespoord om op de oude wegen te blijven. De enige onveranderlijke weg tot behoud is de Here Jezus. (Joh. 14:6)

Vele gebeden zullen er tijdens de jaarwisseling worden opgezonden. Mag ons gebed het gebed van Mozes zijn: “Als Uw aangezicht niet meegaat, laat ons dan van hier niet verder trekken.” (Ex. 33:15) We mogen in vol vertrouwen het jaar 2017 tegemoet zien, in de wetenschap dat onze God en Vader van de Here Jezus Christus met ons mee gaat. Met en in Hem is onze reis en onze bestemming veilig gesteld. Br. Dick Wolbers.

(door br. Dick Wolbers) Kiest dan heden wie gij dienen zult. (Joz. 24:15) Valt er wat te kiezen voor de gelovigen? Dat kunnen we ons afvragen. Nu, voor het volk Israël viel er veel te kiezen, en voor de gelovigen in onze tijd ook. Als er iets te kiezen valt, dan betekent het ook dat er meerdere keuzemogelijkheden zijn. Israël maakte zich na de verlossing uit Egypte meerdere malen schuldig aan afgoderij.

Dit bestond niet alleen uit het dienen van vreemde goden, maar men aanbad o.a. ook voorwerpen. Denk daarbij aan de koperen slang, (2 Kon. 18:4) en het gouden kalf. (Ex. 32). Een aantal voorbeelden die betrekking hebben op deze tijd. Als eerste, de keuze om van het geld een afgod te maken. Geldgierigheid (geldzucht) is de wortel van alle kwaad. (1 Tim. 6:10). We zien om ons heen waar het toe kan leiden. We zijn terecht gekomen in een graaicultuur. Een onderzoeksrapport van Oxfam Novib laat het volgende zien: De rijkdom en armoede komt er vrij vertaald op neer dat de rijken der aarde die al zoveel hebben steeds meer willen. Het rapport wees uit dat het vermogen van de rijkste één procent van de wereldbevolking, nagenoeg gelijk is aan het vermogen van de overige 99 procent. De allerrijksten zagen het gezamenlijke vermogen stijgen van 44 procent in 2009 naar 48 procent in 2014. Als deze groeiende ongelijkheid geen halt wordt toegeroepen, zal dat aandeel in 2016 boven de vijftig procent uitkomen.

Het woord van God zegt daarover het volgende:

  • Laat uw handelswijze zonder geldzucht zijn. Wees tevreden met wat u hebt, want Hij heeft Zelf gezegd, ik zal u beslist niet loslaten en zal u beslist niet verlaten. (Hebr. 13:5).
  • Ten tweede, het verzamelen, (hebben) van vele goederen. (Hebzucht) Dit is evenals ontucht, onreinheid, hartstocht, en kwade begeerte, afgoderij. (Kol. 3:5). Het heeft geestelijk al velen tot de rand van de afgrond gebracht. Denk aan de geschiedenis van de rijke jongeling. (Matth. 19:13-22)Het was een vrome jonge man, die de geboden op een voortreffelijke wijze onderhield. “Helaas” zijn hart was vol van de aardse goederen. Toen de Here Jezus hem opdracht gaf alles te verkopen en het te schenken aan de armen, ging hij bedroefd weg, want hij bezat vele goederen die zijn hart en leven beheersten. De bezittingen waren hem meer waard dan het eeuwige leven. Waar uw schat is, zal ook uw hart zijn. (Matth 6:21).
  • Als derde, het besteden van de vrije tijd. De Bijbel roept ons op om te wandelen in de vreze van de Here zo lang we hier op aarde verblijven, (1 Petr. 1:17) en te wandelen in de werken die God heeft voorbereid. (Ef. 2:10) Onze wandel moet hemels gericht zijn. (Fil. 3:20) Het is voor vele gelovigen een valkuil geworden in deze tijd. Met verdriet moet je waarnemen dat de tijd die besteedt wordt aan de Here steeds meer af neemt.

Een groot deel van vutters en gepensioneerden (waar ik ook toe behoor) hebben de mogelijkheid om hun tijd te besteden aan reizen etc. Om een tijd van rust en even afstand te nemen van de hectiek in de wereld is goed. De Here Jezus spoort zijn discipelen ook aan om een weinig rust te nemen. (Matth. 6:31) De vraag is of e.e.a. nog wel in verhouding staat met de tijd die we vrijmaken voor de Here. Dit vraagt om keuzes. Het bezoeken van de samenkomsten staat onder druk, terwijl de Bijbel ons aanspoort dat wij de onderlinge bijeenkomst niet moeten nalaten, zoals bij sommigen de gewoonte is, maar elkaar aansporen, en dat zo veel te meer als u de grote dag ziet naderen. (Hebr. 10:25).

Nogmaals het overzicht verschenen in een eerder contactblad. In een week tellen we 7 dagen van 24 uur = 168 uur. Breng gemiddeld 7 a 8 uur = 56 uur, in mindering voor de nachtrust, dan blijft over 112 uur over. Een werkweek telt gemiddeld 36 uur; blijft over 76 uur. Trek daarvan af de tijd die we besteden aan eten en drinken, ruim genomen 3 uur per dag = 21 uur, dan rest er nog een totaal van 55 uur. Stel dat we daarvan in de week 1.30 uur beschikbaar stellen voor de samenkomst, 1.30 uur voor de bidstond en 2 uur voor de Bijbelstudies, dan hebben we ruim 49 uur per week tot onze beschikking voor een andere invulling oftewel 7 uur per dag.

In bovenstaand voorbeeld is aangegeven dat er wat valt te kiezen. “Kies dan heden wie gij dienen zult” staat er boven de aanhef van deze overdenking. Het leven bestaat uit keuzes. Iedere dag krijgen we daar mee te maken zowel in het maatschappelijk als het geestelijke leven. Kiezen we voor de samenkomst of voor de sport op zondag. Kiezen we om de bidstonden en de Bijbelstudies of vinden we de dingen die de wereld ons bieden belangrijker. We mogen door Gods genade gemeente zijn in een tijd waar velen afhaken van het geloof. Een nieuw seizoen met nieuwe kansen en uitdagingen ligt weer voor ons, om door middel van de samenkomsten, sing-ins, Bijbelstudies en seminars het kostbare evangelie bij de mensen te brengen. U en mijn bijdrage is daarin van wezenlijk belang. Er valt heel wat te kiezen. Ik sluit af met een bekend lied 166 uit de bundel van Joh. de Heer en daarvan het koor wat zegt: Niets is hier blijvend, alles hoe schoon ook zal eenmaal vergaan. Maar wat gedaan werd (wordt) uit liefde tot Jezus, dat houdt zijn waard en zal blijven bestaan. Br. Dick Wolbers

(door br. Paul de Jong) Al meer dan 2000 jaar wordt er in kerken en samenkomsten gezongen; Ere zij God en vrede op aarde. Iedereen gelovig of ongelovig zingen dit lied uit volle borst mee. De één uit volle overtuiging en de ander uit sentiment tijdens de kerstdagen. Bij de regels “vrede op aarde” zullen velen denken was het maar waar. Sinds de komst van onze Vredevorst zijn de oorlogen niet echt opgehouden. Het oorlogsgeweld en de dreiging van terrorisme neemt in alle hevigheid toe. En dat terwijl de bijbel volstaat met beloften van vrede.

De geboorte van de Here Jezus werd reeds voorzegd in Jesaja 9 vers 5 en 6. Men noemt Hem hier Wonderbare Raadsman, Sterke God, Eeuwige Vader, Vredevorst. De profeet spreekt zelfs over een eindeloze vrede. Toch heeft de V.N. nog niet bereikt om de zwaarden om te smeden tot ploegscharen en de tanks om te bouwen tot tractoren. Wanneer houden die vreselijke oorlogen en terrorisme toch eindelijk eens op? Wanneer wordt er toch eens recht gedaan aan die miljoenen mensen die op de vlucht zijn? Nu zijn het nog steeds de machthebbers, de rijken en geweldenaars die de aarde overheersen en leegroven. Wanneer komt het kerstfeest waarbij het vrede op aarde werkelijkheid is geworden?

Hoopvolle signalen.
Kerstfeest wordt ook wel eens het feest van de hoop genoemd. Het is het feest van de gekomen Verlosser de Here Jezus Christus. Maar toch ook het feest van de komende Verlosser, Christus Jezus. Zijn komst nu al ruim 2000 jaar geleden, heeft vrede met God gebracht voor ieder mens die Hem heeft aangenomen als Heer en Heiland. Zijn terugkeer zal vrede op aarde brengen. Er zijn op dit moment al vele signalen dat de wederkomst van Christus weleens erg dichtbij kan zijn. Gods Woord geeft heel wat aanwijzingen en voorzeggingen, die orde op zaken zullen brengen op aarde. Roerige tijden. Er zijn vele profetische signalen, die erop wijzen dat Christus komst als Vredevorst spoedig zou kunnen komen. Er staan honderden aanwijzingen in de bijbel die hierover spreken. De eerste gebeurtenis die staat te gebeuren is de opname van de gemeente zoals in de Thessalonicenzen brief beschreven staat. Eerst zullen de graven opengaan van hen die in Christus zijn gestorven opstaan en daarna zij die levend overgebleven zijn, het betreft hier dus de gelovigen van deze genadetijd. In een oogwenk zal dit gebeuren en wij zullen de Here tegemoet gaan in de lucht. En zo zullen wij altijd met de Here zijn. Wat een geweldig vooruitzicht. Hem daar te zien in al Zijn heerlijkheid in een verheerlijkt lichaam. Een hoop die zeker is en vaststaat.

Profetieën over het herstel van Israël zullen tot in details uitkomen. Israël wandelt nu nog in ongeloof en vertrouwt nog op hun eigen wapenrusting. Maar ook dit zal veranderen wanneer zij in grote verdrukking, volgend na de opname van de gelovigen , hun Messias aan zullen nemen en het uit zullen roepen: gezegend is Hij die komt in de naam van de Heer. Toch is het nu nog de tijd van genade. Hij die kwam als mens in alle vernedering als de lijdende Knecht des Heren. Veracht en bespot door mensen en een man van smarten vertrouwd met ziekte; lees Jesaja 53. Gestorven aan het kruis en ten derde dage weer opgestaan uit de dood en Hij leeft.

Het Licht wat schijnt in een duistere wereld en die wereld heeft Hem niet gekend, Joh 1 vers 5. Bijbelse profetieën vertellen ons over de komst van de Verlosser voor Israël en de volkeren. Hierin wordt ook voorzegd de strijd om Jeruzalem en de gebeurtenissen die voorafgaan aan Zijn 2e komst. Lees Zacharia 12 t/m 14. De oorlog om de `heilige stad` is al jaren gaande. Het gevecht om Jeruzalem de stad van de Komende Koning zal erg hoog oplopen. Maar als de nood het hoogst is voor het joodse volk zullen ze Hem aanroepen, maar wel door lijden heen en zal Hij terugkeren op de Olijfberg. Dan kan het echte kerstfeest beginnen. Hij zal Zijn volk verlossen. Pas dan zal Jeruzalem de stad van de Shalom zijn en zal de Vrede vanuit Jeruzalem over deze aarde komen. Het vrede op aarde zal in vervulling gaan. Uw koninkrijk kome en Uw wil geschiede zal dan werkelijkheid zijn geworden. Dan zal de Vredevorst vrede doen komen over deze aarde.

Het gaat in deze tijd allemaal razend snel. Het lijkt wel alsof God haast maakt met de komst van Zijn Zoon. De hele wereld zal worden geconfronteerd met de Koning van Israël en zijn volk. Een ieder die niet buigt voor deze Koning der Joden zal te gronde gaan. Er zullen duidelijke keuzes gemaakt moeten worden. Alles komt in een stroomversnelling ook in deze genadetijd. Kies dan nu wie u dienen zult. Neutraliteit is onmogelijk. Je bent voor of tegen Hem. En voor de gelovigen in deze tijd: maak keuzes in je leven, bepaal grenzen zoals God die in Zijn Woord heeft opgetekend. Leef dicht bij Hem, en laat Hij de autoriteit over uw leven zijn en u zult de vrede van en met God ervaren in uw hart. Maar ook onderling, we hebben elkaar nodig, bemoedig en vertroost elkaar en beleef het geloof ook met elkaar in de bijeenkomsten. We kunnen nu nog in alle vrijheid samenkomen maar hoe lang nog? Ik wens u allen een fijn kerstfeest toe en voor 2016 schijn als lichtende sterren in de wereld, het Woord des Levens vasthoudende en verblijd u ten allen tijde in de Here, altijd ziende op Hem. Br. Paul de Jong

(door br. Jeep van der Schoot) De laatste jaren zien wij ook in ons land dat bij veel oprechte christenen de belangstelling en interesse voor de Wet, de Joodse feesten en de Sabbat is toegenomen. Dat is wel te begrijpen, want ook voor ons als Gemeente kunnen we hier veel van leren, net zoals bij de tabernakel. Maar we moeten in deze periode van genade ook oppassen dat we ons niet allerlei wetten en inzettingen laten opleggen. De Schrift waarschuwt ons tenslotte niet voor niets voor allerlei dwaalleringen in de eindtijd. In Levitcus 23 lezen we over de feestdagen van de Heer. Deze waren bestemd voor de Israëlieten. In de begin- en slotwoorden van dit Schriftgedeelte staat: De HERE sprak tot Mozes: Spreek tot de Israëlieten en zeg tot hen:

  • De feesttijden des HEREN, die gij zult uitroepen als heilige samenkomsten, zijn Mijn feesttijden’ (ver 1-2).
  • Zo maakte Mozes de feesttijden des HEREN aan de Israëlieten bekend’ (vers 44).

Al in Paulus’ tijd waarschuwde de apostel voor leraren die Joodse wetten en gebruiken aan gelovigen wilden opleggen. Zo zegt hij tot de gemeente in Galatië: ‘en nu u God kent, ja wat meer is, door God gekend bent, hoe kunt u weer terugkeren naar de zwakke en arme grondbeginselen, die u weer van tevoren af aan wilt dienen? U houdt zich aan dagen, maanden, tijden en jaren. Ik vrees voor u dat ik mij misschien tevergeefs voor u heb ingespannen’ (Galaten 4:9-11). In het O.T. wijzen de Wet en de feesten vooruit naar Christus. Het gaat nu niet om uiterlijke gebruiken, maar om Jezus alleen: ‘Laat dan niemand u blijven oordelen inzake eten en drinken of op het stuk van een feestdag, nieuwe maan of sabbat, dingen, die slechts een schaduw zijn van hetgeen komen moest, terwijl de werkelijkheid van Christus is’ (Kolossenzen 2:16-18; vgl. met Hebreeën 10:1). Vaak gebeurt het in alle oprechtheid en enthousiasme voor de Here Jezus, dat sommigen ervoor kiezen de Wet en allerlei inzettingen te gaan naleven. Wie meent beter te doen dan de gelovigen die dat niet doen, of er gerechtigheid door verwacht, zal vroeg of laat zijn vreugde over zijn redding verliezen, omdat niemand dit kan volbrengen (Galaten 4:15; Jakobus 2:10). In Jakobus 2:10 staat: ‘Want wie de gehele wet houdt, maar op één punt struikelt, is schuldig geworden aan alle (geboden).’ Zo was Jakobus iemand die de wet nauwkeurig naleefde. Daar stond hij ook om bekend.¹ Bijzonder is daarom des te meer wat Jakobus zegt in Handelingen 15: ‘Daarom ben ik van oordeel, dat men hen, die zich uit de heidenen tot God bekeren, niet verder moet lastig vallen, maar hun aanschrijven, dat zij zich hebben te onthouden van wat door de afgoden bezoedeld is, van hoererij, van het verstikte en van bloed’ (vers 19-20). Elke dag feest! In deze huidige bedeling van genade viert de Gemeente ‘de maaltijd van de Heer’. Andere Bijbelse feesten zijn ons in de Schrift niet opgelegd. Eigenlijk is het elke dag feest, want het Paaslam is geslacht! Gods Geest wijst ons daar elke dag weer op (1 Korintiërs 5:7-8). Dat geeft vrede en blijdschap, want wij hebben door Hem nieuw leven ontvangen en zijn verzoend met God. Alleen de Heilige Geest kan onze harten vernieuwen, waardoor we ook anders gaan denken en leven, als een welgevallig offer voor de Heer. Dit is onze redelijke eredienst (Romeinen 12:1). In de opnieuw geboren christenen is zoiets alleen mogelijk door de kracht en leiding van Gods Geest (Filippenzen 2:13). De Sabbat Sommigen menen dat de Sabbat (ook) door de gelovigen uit de heidenen onderhouden moet worden, en dat de eredienst op zondag een heidense gewoonte is. Maar zowel de Joodse feesten als de Sabbat zijn in de Schrift niet als wet aan de Gemeente gegeven. Voor de heiligen in Christus is het geestelijk gezien elke dag weer opnieuw ‘Sabbatsdag’. Dat is nog veel mooier! In geestelijk opzicht is de Sabbat voor de heiligen in Christus al geruime tijd vervuld, namelijk op het kruishout van Golgotha:

  • ‘Wij dan, gerechtvaardigd uit het geloof, hebben vrede met God door onze Here Jezus Christus’ (Romeinen 5:1).
  • ‘Want wij gaan tot [de] rust in, wij, die tot geloof gekomen zijn, …’ (Hebreeën 4:3).

We mogen niemand verplichten om op een bepaalde dag van de week samenkomsten te houden. Christenen mogen dat op elke dag van de week doen (Handelingen 2:46). Paulus zegt: ‘Deze [immers] stelt de ene dag boven de andere, gene stelt ze alle gelijk. Ieder zij voor zijn eigen besef ten volle overtuigd. Wie aan een bepaalde dag hecht, doet het om de Here, en wie eet, doet het om de Here, want hij dankt God; en wie niet eet, laat het na om de Here en ook hij dankt God’ (Romeinen 14:5-6). Dit is toch wel duidelijk, dat de Hebreeënschrijver erop aandringt: ‘Wij moeten onze eigen bijeenkomst niet verzuimen’ (10:25). Dan maakt het niet uit of je in een gemeente komt waar ze op zondag of zaterdag eredienst hebben. Beter is het om elkaar aan te sporen en te bemoedigen de samenkomsten trouw te bezoeken. Daar heb je veel meer aan dan daarover verhit te (blijven) discussiëren. Daarin heeft de Here, in deze heilsperiode van genade, ons vrij gelaten. Degenen die menen goed te doen door de feesten van de Heer te vieren zijn daar ook vrij in (zolang zij er maar niet wettisch in worden). Wie de feesten niet vieren zijn daar ook vrij in en doen niet minder goed (Romeinen 14:1-6), want wij zijn niet onder de Wet maar onder de genade (Galaten 5:1). De eerste dag van de week Christus’ opstanding vond plaats op de eerste dag van de week. Deze is in het Oude Testament vooraf voorgesteld als ‘de achtste dag’, of als de dag na de Sabbat (Leviticus 23:10-11; vgl. 1 Korintiërs 15:20). Zo verscheen Hij ook op de eerste dag van de week aan Zijn discipelen (Johannes 20:1 en 19). En bij het aanbreken van de Pinksterdag werd de Heilige Geest uitgestort (Handelingen 2:1). Het woord Pinksteren betekent in het Grieks: 50e dag. Dat was ook op de dag na de Sabbat. In Handelingen 20:7 lezen we over een eredienst op de eerste dag van de week. De discipelen waren toen bijeengekomen om het brood te breken, en Paulus sprak hen toe. Aan de hand van deze voorbeelden is het wel begrijpelijk waarom veel christenen er waarde aan hechten om op zondag als gemeente samen te komen. Profetisch gezien vindt de achtste dag plaats na het Duizendjarig Rijk (Israëls Sabbatrust). Dat gaat over de schepping van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde, wanneer God ‘alles in allen’ is (1 Korintiërs 15:28). Dan is deze oude schepping voorbij gegaan en is er een nieuwe schepping gekomen. Daar is niet vrede waar gerechtigheid heerst (zoals in het Vrederijk), maar waar gerechtigheid woont! De Gemeente is al een nieuwe schepping en heeft reeds vrede ontvangen. Paulus zegt daarover: ‘Zo is dan wie in Christus is een nieuwe schepping; het oude is voorbijgegaan, zie, het nieuwe is gekomen’ (2 Korintiërs 5:17, vgl. Efeze 4:20). Onder de Wet was het zo dat je na zes werkdagen moest rusten, om je te wijden aan het vierde gebod en daarin te volharden: de Sabbat. De gelovigen in Christus hebben reeds al rust en vrede ontvangen en mogen van daaruit elke dag weer opnieuw leven in alle afhankelijk van Hem. Dan komt er een leven door de Geest. Dat is de ware vrijheid (Romeinen 8:6). In Christus is het ja en Amen Hoewel niet alles in het Woord aan ons gericht is kunnen we er wel van leren (vgl. 1 Korintiërs 10:11). Dus ook van de Wet, de Joodse feesten (Johannes 7:2) en de Sabbat. Bijzonder daarin is, dat deze vervuld worden in Christus’ eerste en tweede komst. De wet, de Joodse feesten en de Sabbat zijn (slechts) schaduwbeelden, Christus is het wezen. Daarom staat er: ‘Want hoevele beloften Gods er ook zijn, in Hem is het: Ja; daarom is ook door Hem het: Amen, tot eer van God door ons’ (2 Korintiërs 1:20). Voetnoot:¹. HSV-Studiebijbel (eerste druk), Handelingen 15:13, blz.1891. (Vgl. Josephus, De oude geschiedenis van de Joden 20.200; Eusebius, Kerkelijke Geschiedenis, 2.23).

( door br. Jeep van der Schoot) Leven in de eindtijd Leven in de eindtijd wordt door de Here Jezus vergeleken met de dagen van Noach. In Zijn rede over de laatste dingen voorzegt Hij wat er in de toekomst zal gaan gebeuren, vlak voorafgaand aan Zijn wederkomst. De vraag is waarom de Here Jezus die periode vergelijkt met de dagen van Noach. En of we daar nu al in leven. Laten we eerst eens kijken wat er staat: ‘Want zoals zij in [die] dagen vóór de zondvloed waren, etende en drinkende, huwende en ten huwelijk gevende, tot op de dag, waarop Noach in de ark ging, en zij niets bemerkten, eer de zondvloed kwam en hen allen wegnam, zo zal ook de komst van de Zoon des mensen zijn’ (Matteüs 24:38-39). In Lucas 17 vergelijkt de Here Jezus die dagen ook met de dagen van Lot: ‘zij aten, zij dronken, zij kochten, zij verkochten, zij plantten, zij bouwden’ (vers 18). Terecht kun je je hierbij afvragen wat hier verkeerd aan is, want het zijn geen zondige dingen. Het zijn normale levensbehoeften. Waar het hier om gaat is dat de mensen in de eindtijd alleen nog met deze dingen bezig zijn. Daardoor vergeten en ontkennen zij het bestaan van de Here God. Leven we in de dagen van Noach? Egocentrisch gedrag en leven voor jezelf in plaats van voor God, is in deze tijd vergelijkbaar met ‘de dagen van Noach’ vóór de zondvloed. Meerdere teksten vinden we daarover in de Bijbel. Paulus zegt over ‘de laatste dagen’ in 2 Timoteüs 3: ‘Want de mensen zullen liefhebbers zijn van zichzelf, geldzuchtig, grootsprekers, hoogmoedig, lasteraars, hun ouders ongehoorzaam, ondankbaar, onheilig, zonder natuurlijke liefde, onverzoenlijk, kwaadsprekers, onmatig, wreed, zonder liefde voor het goede, verraders, roekeloos, verwaand, meer liefhebbers van zingenot dan liefhebbers van God’ (vers 2-4, HSV). Er is een geestelijke strijd gaande en veel christenen hebben er helaas geen idee van. Hierdoor komen velen bijna niet toe aan Bijbellezen en bidden. Het gevolg is wereldgelijkvormigheid, geestelijke onvolwassenheid en leegte. Door zorgen, stress en de drukte van de wereld kunnen sommigen het leven (bijna) niet meer aan. In 1 Petrus 5 staat: ‘Wordt nuchter en waakzaam. Uw tegenpartij, de duivel, gaat rond als een brullende leeuw, zoekende wie hij zal verslinden. Wederstaat hem vast in het geloof…’ (vers 8-9). Kenmerkend voor de dagen van Noach was dat de aarde ook vol van geweldenarij was (Genesis 6:11). Is dat ook niet een teken van deze tijd? Staat het Midden-Oosten niet in brand? En zien wij niet wereldwijd de angst voor terroristische aanslagen toenemen? De Grote Verdrukking Belangrijk is dat we begrijpen dat het in Matteüs 24 niet over de genadeperiode van de Gemeente gaat. Daarin lezen we over de Grote Verdrukking ten tijde van de Laatste Jaarweek (Daniel 9:27). Dan is de Gemeente al opgenomen (Openbaring 4:1). Dat is geen escape-theorie, maar een belofte uit het Woord, omdat de Gemeente niet bestemd is tot toorn (1 Tessalonicenzen 1:10; 5:9). De toorn is door het bloed van het Lam weggenomen. Heeft Matteüs 24 ons dan wel iets te zeggen? Ja zeker! Jezus’ rede over de eindtijd is actueel, bijvoorbeeld als het gaat over de volksopstanden en toenemende angst voor terrorisme. Verder zien we een sterke toename van christenvervolging, wetteloosheid, oorlogen, besmettelijke ziekten en natuurrampen. Zo waarschuwt de Heer ook voor valse profeten en valse christussen. Uit alles in Jezus’ eindtijdrede blijkt, dat deze vooral aan Israël is gericht. Daarom moet de terugkeer van de Joden als een groot teken en waarschuwing worden gezien dat Christus’ wederkomst dichtbij is. Zo lezen we in Zijn rede ook over de derde tempel en de gruwel der verwoesting, ten tijde van de antichrist. Ook hiervan zien we de vervullingen steeds meer naderen. Want de wereld wordt klaar gemaakt voor het herstelde Romeinse Rijk en de komst van een sterke geestelijke politieke leider (2 Tessalonicenzen 2:4; Openbaring 13:8). Als we deze dingen onderscheiden, gaan we begrijpen waarom het profetische Woord van God zo belangrijk is. Het geeft ons een helder licht en zicht op het wereldgebeuren (2 Petrus 1:19). Tevens roept het de gelovigen op zich gereed te maken haar Heiland te ontmoeten: ‘en de Geest en de bruid zeggen: Kom!’ (Openbaring 22:17). Geen tijd! “Ik heb het zo druk.” We horen het velen zeggen en het klinkt ons soms ook niet onbekend in de oren. De samenleving wordt steeds drukker. Alles moet sneller en er wordt steeds meer van ons gevraagd. ‘Een leven lang leren’ is een nieuw principe op de arbeidsmarkt, waardoor ook na werktijd meer gestudeerd zal moeten worden. Mede hierdoor blijven in veel gemeenten allerlei bedieningen en taken openstaan en lopen veel kerken leeg. Want tijd voor God en de kerk is er bijna niet. Wie Christus wil dienen, zal zijn oude leven moeten afleggen en de nieuwe mens (het leven van Jezus) moeten aandoen. Als de Here Jezus alles in de opnieuw geboren christen mag worden, zal de Geest van God die persoon wijsheid geven om te onderscheiden welke dingen in het leven echt belangrijk zijn (Filippenzen 1:9-11). Dit helpt de christen om goede keuzes te maken. De liefde van Christus zal dat bewerken in onze harten. Dat is geheel anders dan die van de wereld! Een leven met de Here God geeft rust en vrede. Door Jezus Christus alleen kan die innerlijke leegte, pijn en verdriet weggenomen worden. In deze drukke tijd is dat nog steeds mogelijk: ‘Komt tot Mij, allen, die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven’ (Matteüs 11:28, vgl. Hebreeën 4:3). Noach, een type van het overblijfsel Het is al benoemd dat het in Matteüs 24 over de Grote Verdrukking gaat. Dit Bijbelgedeelte is dus profetie. Duidelijk is dat we in deze tijd daar al tekenen en voorvervullingen van zien. Noach en zijn familie werden tijdens de zondvloed bewaard in een ark. Zo denk ik dat Noach in Matteüs 24 een type van het gelovig overblijfsel van Israël is, dat ten tijde van de Grote Verdrukking zal worden bewaard, in de woestijn (Openbaring 12:6). Zou Noach daarom niet een type van Israël zijn in de eindtijd en Henoch een type van de Gemeente? Henoch en de Opname van de Gemeente Bijzonder is dat Henoch wandelde met God (dat lezen we ook van Noach) en dat hij vóór de zondvloed werd opgenomen: ‘En Henoch wandelde met God, en hij was niet meer, want God had hem opgenomen’ (Genesis 5:24). God nam hem vóór de zondvloed weg. Net zoals de Gemeente, die vóór de Grote Verdrukking zal worden opgenomen. Zo lezen we in Openbaring 3:10 een prachtige belofte voor de Gemeente, die tot op de dag van vandaag nog steeds onvervulde profetie is: ‘Omdat gij het bevel bewaard hebt om Mij te blijven verwachten, zal ook Ik u bewaren voor de ure der verzoeking, die over de gehele wereld komen zal, om te verzoeken hen, die op de aarde wonen.’ De Opname kan elk moment plaatsvinden, daar hoeven geen vervullingen aan vooraf te gaan. Maar wat is er soms een strijd rondom dit thema. Dan moet ik denken aan deze woorden: ‘Ik kom spoedig; houd vast wat gij hebt, opdat niemand uw kroon neme’ (Openbaring 3:11). Jeep van der Schoot Het Zoeklicht nr. 23-2016

(door br. Cor Schaafsma) Voortzetten…… ….Hij, die in u een goed werk is begonnen, dit ten einde toe zal voortzetten,……… (Filip. 1:6) Genoemde tekst is te vinden in de brief aan de Filippenzen, de brief die behandeld wordt in de Bijbelstudie aan de jongeren. Een indrukwekkende brief van Paulus. Hij bidt ook voor de gemeente te Filippi, dat de liefde nog meer mag toenemen, maar ook voor helder inzicht en fijngevoeligheid om te onderscheiden waar het op aan komt. Ook voor onze tijd geldt dat we helder inzicht nodig hebben om te onderscheiden wat naar de wil van God is. Dit is voor elk individu belangrijk, maar ook voor de gemeente. Om te kunnen onderscheiden is Bijbelstudie nodig: Onderricht vanuit het woord van God. Op deze manier kunnen we zien waar we staan. Paulus geeft in deze brief een paar belangrijke kenmerken van de gelovigen aan. Gedraagt u waardig het evangelie van Christus: dat gij vaststaat in één Geest, één van ziel medestrijdende voor het geloof aan het evangelie. Paulus onderkent dat er sprake van strijd is. Zelf heeft hij dat ervaren door gevangenschap. Echter deze situatie buigt Paulus om in een kans: Hij kan getuigen van Jezus Christus aan het gehele hof. Hij ziet het als een bevordering van de evangelieprediking. Dat doet mij ook denken aan dat ene lied: “Grijp toch de kansen door God u gegeven, kort is uw zijn hier de tijd snelt daarheen….” en het refrein eindigt met: “…maar wat gedaan werd uit liefde tot Jezus, dat houdt zijn waarde en zal blijven bestaan” (JdH 166). Wij mogen navolgers zijn van Jezus Christus. Dit vraagt volharding. Paulus geeft in deze brief ook aan dat hij Timotheüs zal zenden. De reputatie van Timotheüs was goed. Hij stond bekend om zijn beproefde trouw. In de wereld van nu kun je je verbazen over de reputatie van mensen. Als we kijken naar de verkiezingsstrijd in America, dan probeert de een de ander af te troeven en in de media een slechte reputatie toe te dichten. Donald Trump profileert zichzelf ten koste van anderen. Men plaatst zichzelf op een voetstuk. Wat deed Jezus? Hij nam de gestalte van een dienstknecht aan (Filip. 2:6). De reputatie van de vluchtelingen is in een korte tijd veranderd van hulpbehoevende naar profiteur. De gewelddadige reputatie van IS (Islamitische Staat) is berucht en we zien dat ze nu in Brussel ook in het “centrum” van Europa toeslaan. Deze beeldvorming wordt bewust gecreëerd om angst te zaaien. Een reputatie kan ook ten onrechte opgedrongen worden. Zo staat Israël onder hevige kritiek. De beeldvorming vanuit de media en ook steeds meer door Nederlandse politieke vertegenwoordigers wordt dusdanig gemaakt, dat ze in een kwaad daglicht gesteld worden. De reputatie van Goliath was voor het volk Israël beangstigend. Toch versloeg David deze Filistijn. In vertrouwen op God! Hoe willen wij als gemeente bekend staan? Ik zou dit willen invullen met de tekst uit Filip. 4: 4-8 Verblijdt u in de Here….uw vriendelijkheid zij alle mensen bekend. De Here is nabij. Weest in geen ding bezorgd, maar laten bij alles uw wensen door gebed en smeking met dankzegging bekend worden bij God. En de vrede Gods, die alle verstand te boven gaat, zal uw harten en uw gedachten behoeden in Christus. Ik zou u willen oproepen om met elkaar de schouders er onder te zetten om de gemeente daadkrachtig te houden. God is een goed werk in ons begonnen en Hij wil dit voortzetten! Totdat Christus terug komt. Wij hebben de kans om Zijn werk uit te voeren. En om net als Paulus dienstbaar te zijn. Niet in eigen kracht, maar door genade. Goede vrijdag is voorbij. Jezus heeft onze zonde gedragen aan het kruis. Het is volbracht! Laten wij het ook volbrengen. Hij is opgestaan en heeft de dood overwonnen. Wij mogen ook met Hem in de overwinning staan. Hoe moeilijk situaties ook kunnen zijn. Weest in geen ding bezorgd! Met het oog op Jezus gericht. br. Cor Schaafsma

  • Dienst

    Elke zondag om 9.30 uur houden wij een eredienst.


  • Avondmaal

    Op de 1e zondag van de maand vieren wij het avondmaal.


  • Créche / zondagsschool

    Tijdens de dienst is er créche en zondagsschool.


  • Contactpersoon

    br. D. Wolbers (Oudste)
    C.P.M. Rommestraat 2
    8802 MG Franeker
    Tel: 0517-392202

  • Secretariaat

    br. R. Ploeg (Oudste)
    Lou Seerdenlaan 17
    8802 BX Franeker
    Tel: 0517-384824

  • Penningmeester

    br. W. Huismans (Penningmeester)
    Arumer Feart 28
    8801 XA Franeker
    Tel: 06-25002028

Copyright © 2018 Baptistengemeente Maranatha Franeker